Geconsolideerde balans (na resultaatbestemming)
 
 

Toelichting op de jaarrekening

De jaarrekening is opgesteld overeenkomstig de Regeling Jaarverslaggeving. Een verkorte versie is aan het eind van dit verslag opgenomen.
 

Wettelijk budget aanvaardbare kosten

In vergelijking tot het budget 2012 daalde het wettelijk budget aanvaardbare kosten in 2013,  exclusief nacalculaties oude jaren, met afgerond EUR 4.750.000. Deze toename is op hoofdlijnen als volgt weer te geven:
- productieafspraken-/-EUR 5.210.000
- genormeerde kapitaalslasten EUR 1.520.000
- nacalculatie kapitaalslasten-/-EUR    748.000
- normatieve huisvestingscomponent EUR 3.238.000
- overige mutaties-/-EUR 3.552.000
- Schakenbosch EUR 5.014.000
- Nacalculaties voorgaande jaren-/-EUR 6.787.000
Totaal EUR 7.046.000

 

De daling op de productieafspraken wordt voornamelijk veroorzaakt door de bezuiniging uit het Lenteakkoord. De budgetverruiming van het convenant langdurige zorg (2012) ad EUR 6,4 miljoen werd voor 2013 weer ingetrokken.

Het verschil nacalculaties voorgaande jaren is te verklaren door de negatieve correctie in 2012 ad EUR 4.505.000 als gevolg van afwijzing nacalculaties 2011. Hierop zijn in 2013 met succes bezwaarprocedures gevolgd. Dit heeft geleid tot een correctie van circa EUR. 3,8 miljoen. Hiervan had een bedrag ad EUR. 2.282.000 betrekking op de jaren 2011 en 2012. Het resterende bedrag komt binnen via de nacalculatie 2013 en later.

Het wettelijk budget aanvaardbare kosten in de jaarrekening 2013 werd gebaseerd op de meest recente geaccordeerde rekenstaten van de NZa. Bij de opstelling van de jaarrekening zijn de nacalculatieformulieren van dit jaar ingevuld. Het resultaat van de door de instelling opgestelde berekeningen is meegenomen in de opbouw van het wettelijk budget aanvaardbare kosten.
De nacalculatieformulieren tot en met het jaar 2012 zijn definitief door de NZa vastgesteld.
De eindafrekening van deze jaren met de verschillende zorgkantoren vindt nog gedeeltelijk plaats in 2014.
 
Niet gebudgetteerde zorgprestaties/subsidieopbrengsten overige bedrijfsopbrengsten
Ten opzichte van 2012 zijn de overige bedrijfsopbrengsten gedaald met EUR 1.033.000, wat toe te schrijven is aan een mix van eenmalige opbrengsten en lagere dienstverlening derden.

 
Financieel resultaat
Het resultaat over het jaar 2013 bedraagt afgerond EUR 1.550.000. Dit bedrag is nagenoeg in zijn geheel toegevoegd aan het collectief gefinancierd gebonden vermogen. Over het verslagjaar 2012 werd een resultaat van EUR 3.493.000 behaald.

 
De ontwikkeling van de kosten gaf op hoofdlijnen het volgende beeld.
  • De personele kosten zijn gestegen met EUR. 6.655.000, voornamelijk veroorzaakt door de loonkostenontwikkeling, een toename van het aantal fte, een dotatie aan de voorziening PBL, toename volume gespaarde PBL uren en hogere sociale lasten. Daarnaast was er sprake van een lichte daling van
  • de post ‘personeel niet in loondienst’.
  • De afschrijvingen zijn gedaald met EUR 4.671.000. Hiervan is EUR 2.489.000 toe te wijzen aan lagere impairment in 2013 ten opzichte van 2012.
  • De resterende daling ad EUR. 2.182.000 is toe te schrijven overige lagere afschrijvingskosten in vergelijk met 2012 gecombineerd met vrijval reservering afwaardering.
  • De overige bedrijfskosten namen ten opzichte van 2012 toe met EUR 5.486.000.

 

  • De post financiële baten en lasten (rente) zijn gestegen met EUR 485.000. De stijging komt voort uit boeterente vervroegd aflossen leningen en kosten afsluiten leningen met borgstelling Wfz.
    - Een daling op voeding / hotelmatige kosten / huisvesting-/-EUR    305.000
    - Een daling op de kosten vervoer-/-EUR    1.903.000
    - Hogere algemene kosten, resultaat deelnemingen EUR    1.423.000
    - Hogere algemene kosten, herstructurering EUR    1.000.000
    - Hogere algemene kosten, overig EUR    1.223.000
    - Hogere cliëntgebonden kosten EUR    973.000
    - Hogere kosten onderhoud en energie EUR    2.002.000
    - Hogere kosten huur EUR    1.074.000
       

 

Het resultaat uitgedrukt in een percentage van de totale opbrengsten (resultaatratio) komt neer op:

Balanspositie en eigen vermogen
Het financieel beleid is in algemene zin gericht op de continuïteit van de zorgorganisatie. In verband met de toename van het ondernemingsrisico is het beleid van Ipse de Bruggen er op gericht een marktconforme solvabiliteit te realiseren. Per ultimo 2012 is de solvabiliteit:

De liquiditeitspositie van Ipse de Bruggen (quickratio) is ruim voldoende. De ontwikkeling ervan in het verslagjaar laat een stijging zien dankzij een aanzienlijke lening ter financiering van nieuwbouw.

 

Ontwikkelingen 2013
  • 
Evenals de begroting 2012 was de begroting 2013 met een positief resultaat ad EUR 1,1 miljoen gepresenteerd. De realisatie is uit gekomen op EUR 1,5 miljoen positief.
  • 
In de begroting 2013 was een post onvoorzien opgenomen ad EUR 1,4 miljoen, die niet voor de reguliere exploitatie werd aangesproken.
  • In de begroting 2013 was een ombuiging op het vervoersdossier verwerkt. Het verschil tussen kosten en opbrengsten bij de begroting 2013 is door tariefsaanpassingen en afschaffen nacalculatie uitgekomen op EUR 5,5 miljoen. In de begroting 2013 werd hiervan EUR 2,5 miljoen verwerkt door kostenverlagende besparingen. Het resterende verschil ad EUR 3,0 miljoen zou worden afgedekt door een te vormen voorziening ten laste van het resultaat 2012. Bij het opstellen van de jaarrekening 2012 heeft dit een andere uitwerking gekregen. Doordat de maatregelen op kostenbesparing pas in de loop van 2013 konden worden geëffectueerd, heeft de beheersing van de kosten niet in de pas gelopen met de begroting. In totaal heeft dit een negatief effect van circa EUR 3,7 miljoen negatief gehad.
  • De extramuralisering van nieuwe cliënten met een ZZP VG 1-2 heeft zijn intrede gedaan; de aanspraak verviel met ingang van 2013 voor nieuwe cliënten ouder dan 22 jaar. Het effect is zeer beperkt voor de exploitatie.
  • Het jaar 2013 was het tweede overgangsjaar van de Normatieve Huisvesting Component (NHC). Voor de jaarrekening 2013 zijn de afschrijvingsbedragen opgenomen die relatie hebben met de technische levensduur van het vastgoed. De bedrijfswaarde berekeningen zijn opgesteld en op grond daarvan zijn er extra afschrijvingen verwerkt in de exploitatie 2013. Gedurende de overgangsregeling (t/m 2017) zal er met het oog op de ontwikkelingen in de AWBZ rekening gehouden moeten met versneld afschrijven. De doorrekeningen ultimo 2013 zijn gemaakt, geconstateerd kan worden dat Ipse de Bruggen, met de kennis van dit moment, op dit punt het dossier goed op orde heeft.
  • Ipse de Bruggen heeft in 2013 voor de (gedeeltelijke) borging van langlopende leningen de overeenkomst gedeelde zekerheden in samenwerking met de banken en het Waarborgfonds voor de Zorgsector (Wfz) afgesloten. Eind december is, als afsluiting van dit traject, een lening ad EUR 23 miljoen met borgstelling aangetrokken.
Hartelijk dank voor uw aandacht. Heeft u vragen? Neem dan contact met ons op.

 

Ipse de Bruggen
Louis Braillelaan 42
2719 EK Zoetermeer
T 088) 967 50 00

info@ipsedebruggen
www.ipsedebruggen.nl